Eindrapportage In voor Mantelzorg: Versterken van samenwerking met mantelzorgers loont

U bevindt zich hier: Home | Actueel | Nieuws | Eindrapportage In voor Mantelzorg: Versterken van samenwerking met mantelzorgers loont

Eindrapportage In voor Mantelzorg: Versterken van samenwerking met mantelzorgers loont

21 januari 2016

Meer betrokken mantelzorgers, meer mogelijkheden voor zorg en ondersteuning voor cliënten en meer werkplezier voor medewerkers. Dat zijn de grootste winstpunten als zorgorganisaties werken aan het versterken van het samenspel tussen beroepskrachten en mantelzorgers. Die conclusie trekken Vilans en Movisie, de uitvoerders van programma In voor Mantelzorg, in hun eindrapportage die naar de Tweede Kamer is verstuurd.

Binnen In voor Mantelzorg werkten 80 organisaties uit verschillende zorgsectoren een jaar lang aan een betere samenwerking tussen beroepskrachten en mantelzorgers. De belangrijkste resultaten zijn geboekt als het gaat om gelijkwaardiger samenwerking, een visie op het samenspel en een sterkere positie van mantelzorgers. Organisaties hebben gewerkt aan een cultuur waarbij meer ruimte is voor inbreng van mantelzorgers. Ook hun werkwijze houdt nu meer rekening met mantelzorgers in bijvoorbeeld zorgplannen en overleg. “Onze evaluatiegesprekken zijn aangepast. We werken nu met de triadekaart, waarbij het zowel om de inbreng van de cliënt, de beroepskracht en ook de mantelzorger gaat. In het gesprek is apart ruimte voor de mantelzorger. Deze werkwijze is nu vast onderdeel van ons werkproces geworden”, zegt de projectleider bij InteraktContour.

Taal en houding zijn essentieel

In voor Mantelzorg heeft een aantal geleerde lessen opgeleverd. Zo is het belangrijk dat de hele organisatie - van bestuur tot facilitaire dienst- oog heeft voor mantelzorgers, dat medewerkers en mantelzorgers met elkaar in gesprek gaan over wie wat kan doen en hun  beelden over samenwerking delen. “Als ik door de ogen van de mantelzorger kijk, kijk ik heel anders naar zorgverleners. Als beroepskrachten willen we graag zorgen en denken dan soms toch teveel voor anderen”, zegt een medewerker van Thuiszorg Dichtbij.  Ook blijkt dat taal en houding essentieel zijn. Cecil Scholten, programmaleider: “Dan gaat het bijvoorbeeld om de vraag: hoe spreek ik een mantelzorger aan? Een mantelzorger inzetten voor de zorg sluit niet aan bij de motivatie die mensen hebben om hun naaste te helpen. Zo’n uitdrukking roept vooral weerstand op.”

Het vervolg

In voor Mantelzorg loopt nog tot de zomer van 2016. Er komt een digitaal werkboek met instrumenten en tools die organisaties kunnen benutten. Daarin vindt u de aanpak van de deelnemende organisaties en praktijkervaringen ter inspiratie. Daarnaast zien de programmaleiders nog een aantal strategische opgaven die buiten de scope ligt van de afzonderlijke zorgorganisaties. Zo zijn er veel vragen over financiering en over regels en aansprakelijkheid. Deze opgaven worden voorgelegd aan de branche-, beroeps- en belangenorganisaties. Over wet- en regelgeving in relatie tot mantelzorgers en vrijwilligers in de zorg verschijnt begin februari ook een afzonderlijke notitie.

Eindrapportage In voor Mantelzorg

Download 'Eindrapportage In voor Mantelzorg' (pdf)

Facebook Twitter LinkedIn

Resultaten In voor Mantelzorg

Wat hebben de 80 deelnemende organisaties bereikt binnen In voor Mantelzorg?
Lees hier de resultaten

invoormantelzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.